
Inhoud
- Eerste waarnemingen gierzwaluwen 2019
- Bericht aan dierenambulance medewerkers
- Rui van gierzwaluwen
- Het weer als vriend en vijand van de dondervogel
- Nest weg, wat nu?
- Kaffergierzwaluw
- Amstelveen: Terrorkites bron van zorg om gierzwaluwen in Sint Josephlaan
- Castricum: Nieuw project: 13 gierzwaluwnestkasten aan hooibarg van stoeterij/eethuis “Het Ruiterhuys” te Bakkum
- Dalem: Een huiszwaluw in een gierzwaluwnestkast
- Groesbeek: 33 Nieuwe nestkasten
- Hattem: Faunatoren
- Amersfoort: Verslag inventarisatie gierzwaluwen 2018
- Kollum: Vlucht- en nesttelling van gierzwaluwen
- Groot Brittanië
- Ierland
- Italië
- Vietnam
Recente onderzoeken en artikelen
- Highly mobile insectivorous swifts perform multiple intra-tropical migrations to exploit an asynchronous African phenology
- Susanna Meyer: Ansiedlungsverhalten des Mauerseglers Apus apus in der Kirche Oberkirch in der Nordwestschweiz
- Jean-François Cornuet: Contribution of slow motion video for in flight behavioural study in the Common Swift (Apus apus)during the breeding period
- Tyson L. Hedrick, Cécile Pichot, Emmanuel de Margerie: Gliding for a free lunch: biomechanics of foraging flight in common swifts (Apus apus)

Korte berichten
Eerste waarnemingen gierzwaluwen 2019
Ieder jaar is het weer spannend: wanneer zie je je eerste gierzwaluw van het jaar? Er zijn mensen die de datum ieder jaar vastleggen. Voorheen was Koninginnedag traditioneel de dag dat het merendeel van de mensen hun eerste gierzwaluw zagen. Maar Koningsdag lijkt – ondanks dat het maar 3 dagen scheelt – toch nét een beetje te vroeg voor de bulk van de gierzwaluw-waarnemingen.
Dit jaar leken de gierzwaluwen relatief laat door te komen in vergelijking met andere jaren. Vermoedelijk werd dit veroorzaakt doordat er een lagedrukgebied boven Spanje en Portugal lag, dat voor koud en nat weer zorgde. Dat hield de gierzwaluwen wellicht een paar dagen op. Het onderstaande grafiekje van ecoloog Gideon Vreeman laat zien hoe de gierzwaluwen in 2019 (de donkerrode lijn) inderdaad wat later zijn dan in andere jaren. Op het moment van schrijven van deze tekst (1 mei 2019) zijn er in totaal 8.118 gierzwaluwen geteld op de trektelposten (bron: trektellen.nl, geraadpleegd 1 mei 2019). Dat zal een fractie zijn van het totaal aantal gierzwaluwen dat nu in ons land is: de waarnemers op de trektelposten zien natuurlijk maar een deel van de totale populatie. Verreweg de meeste van die 8.118 waarnemingen zijn gedaan door twee trektelposten: die van Breskens en die van de Dordtse Biesbosch (samen goed voor 7.027 getelde gierzwaluwen).

Bericht aan dierenambulance medewerkers
Gierzwaluwbescherming heeft per e-mail en per post een bericht verstuurd aan alle bekende dierenambulanceposten in Nederland. In dit bericht wordt vriendelijk maar dringend verzocht om gevonden en/of gewonde en jonge gierzwaluwen te accepteren als die worden aangeboden. Omdat bijna alle oudervogels hun jongen ook buiten het nest komen voeren, denken veel mensen dat dit bij gierzwaluwen ook het geval is. Het tegendeel is waar. Een jong dat uit het nest valt wordt niet meer gevoerd en is gedoemd te verhongeren. Het bericht is terug te vinden onder downloads op onze site.
Rui van gierzwaluwen
In 2015 is in het tijdschrift “Ringing and Migration” een artikel verschenen over de rui van gierzwaluwen van de hand van Raymond Klaassen, Joop Jukema en Henk van de Weetering. En recent was er op de online Yahoo groep over Swallows, Martins and Swifts ook een gesprek hoe het nou zit met de rui van gierzwaluwen. Mark Smyth uit Engeland stelde via zijn webcams vast dat late broeders aan het ruien waren, waarbij er veel veren in de nestkast achterbleven. Dick Newell stelde dat alleen late broeders hun
slagpennen ruien tijdens het broedseizoen. Ulrich Tigges had in zijn kolonie één broedvogel die ook lichaamsveren ruide in het broedseizoen maar zijn stelling is dat dat specifiek was voor dat ene individu. In het artikel van Klaassen, Jukema en Van de Weetering …
Algemeen Nieuws
Het weer als vriend en vijand van de dondervogel
In het Afrikaanse leefgebied van de gierzwaluw, rond de evenaar, vormt een gordel van buien een grens tussen het weer op het noordelijk en zuidelijk halfrond. Met de stijging van hete lucht ontstaat daaronder een lagedrukzone met veel regen en hoge temperaturen. Als de gierzwaluw in deze lagedrukzone foerageert ontstaat er kans op uitdroging. Daarom laten de vogels voor warmteregulatie hun pootjes hangen. Gierzwaluwen jagen echter liever hoger waar meer insecten zitten en daar is het ook kouder . In
Afrika volgen de gierzwaluwen de voorzijde van de buiengordels (soms wel 500 km lang) met omhooggestuwde insectenwolken. Een uitstekende maaltijd dus! Maar de buien zorgen ook voor natte veren. De veren van gierzwaluwen zijn waterafstotend en door hun aaneengesloten structuur rolt het water er vanaf. Onder de veren zitten kleine luchtzakjes die isolerend en waterafstotend werken. Om zijn veren glad en soepel te houden verspreidt de gierzwaluw vanuit de stuitklier een olieachtig zuur met
bovendien een antiseptische werking. Toch raken de vogels in stromende regen uiteindelijk doorweekt. Ook zijn zware tropische buien gevaarlijk of hinderlijk (Saharastormen 2018).
Evert Pellenkoft

Nest weg, wat nu?
Jaap Langenbach vraagt zich af wat er gebeurt als het nest van een paartje gierzwaluwen verdwijnt (maakt niet uit waardoor). We weten dat gierzwaluwen lang kunnen blijven zoeken naar hun oude nest, zelfs nog na een jaar. Vinden zij gezamenlijk een nieuw nest in de buurt van het oude, herkennen zij elkaar wel in de lucht? Of vinden zij elk een nieuwe partner en een andere nestplek. Uit onderzoek is gebleken dat gierzwaluwen trouw aan hun nestplek zijn en niet aan elkaar. Is één partner later terug dan de ander dan is de kans groot dat de eerste al een nieuwe partner heeft gevonden. Dat kan al vrij snel, soms binnen 1 week. Bij terugkomst van de laatkomer kunnen er heftige en langdurige gevechten uitbreken waarbij soms de laatkomer kan winnen maar ook zijn of haar plek kan verliezen en vervolgens verjaagd worden. Gierzwaluwen zijn maar zo kort hier dat ze zich niet kunnen veroorloven om te wachten op een partner. In het boven genoemde geval kan het dus zijn dat er 2 nieuwe paartjes ontstaan op 2 nieuwe nestplekken.
Jaap refereert aan een project in Utrecht waar 73 paartjes hun nestplek verloren in de herfst van 2017. Na terugkomst In 2018 bleven de vogels een maand lang zoeken maar bleken niet in de staat een van de 200 definitieve vervangende nestkasten te vinden, wel in hetzelfde gebouw maar van een ander type en ver verwijderd van de oude broedplaatsen. Wel werd een aantal (4-6) van 50 tijdelijke
kasten, waar lokgeluiden werden afgespeeld, bezet. Dit jaar zullen hier lokgeluiden bij de inmiddels 300 definitieve kasten worden afgespeeld.
Dick Newell stelt dat hij hetzelfde meemaakte in Engeland. 70 paartjes verloren hun nest maar 100 paartjes vonden uiteindelijk een nieuwe broedplek in een van de 300 vervangende nestplekken zonder het afspelen van lokroepen. Op een kleinere schaal verloor 6 paar hun nest en vonden 7 paar een nieuwe plek van 12 vervangende nestplekken. Ook hier zonder lokroepen af te spelen.
Hopelijk gaat het in Utrecht ook lukken.
Kaffergierzwaluw
De kaffergierzwaluw Apus caffer is een van 4 gierzwaluwen die in Europa broeden. In kleine kolonies komt hij voor in o.a. de Spaanse provincie Extremadura, el Castillo in het Nationaal Parc de Monfragüe. Hij is 14 cm lang, gewicht 22 gram, heeft een witte stuit en keelvlek en een heel zwart verenkleed.
Van zijn migratiestrategie is veel minder bekend dan van de andere Europese gierzwaluwen.
Er werden geolocators gebruikt om de kaffergierzwaluw, samen met de blauwborst en de rosse waaierstaart, te kunnen volgen naar hun overwinteringsgebieden in West Afrika. Alle 3 soorten vlogen over de Sahara met een westelijke omweg naar de Sahel waar de blauwborst en de rosse waaierstaart verbleven. De kaffergierzwaluw vloog door naar het zuidelijker gelegen regenwoud. Ondanks de relatief korte afstand tussen de broedgebieden en de woestijnbarrière, bleven 2 van de 3 vogels tijdens de herfsttrek ongeveer 6 maanden in de sub Saharagebieden. De voorjaarstrek was sneller en meer direct dan in de herfst. (Geen nieuws dus.) De duur van de herfsttrek kwam overeen met wat bekend is van de noordelijke vogels en daarom langzamer dan van de zuidelijke vogels. De voorjaarstrek was sneller in vergelijking met de noordelijke vogels. De kortere trekroute stelt de zuidelijke vogels in staat om langzamer te reizen dan de noordelijke vogels.

Regionaal nieuws
Amstelveen: Terrorkites bron van zorg om gierzwaluwen
in Sint Josephlaan
De Sint Josephlaan is elk jaar de thuisbasis voor de grootste kolonie gierzwaluwen in de regio. De bedreigde vogelsoort nestelt er al decennia. In 2003 werden er bij de renovatie van de woningen door de Woongroep Holland 52 neststenen ingemetseld. Dit om de honkvaste gierzwaluwen ook in de toekomst een plek te blijven bieden. Jaarlijks wordt de straat in de zomer bezocht door vele vogelliefhebbers uit binnen- en buitenland. De gierzwaluw is niet de enige beschermde vogelsoort die in de straat een
broedplek heeft gevonden. Sinds 2015 nestelt een kolonie kleine mantelmeeuwen op het dak van ‘Residence Josephine’, het appartementencomplex aan de hoek van de Sint Josephlaan en de Molenweg. Niet iedereen is blij met het vogelverkeer in de straat en de bewoners van het appartementencomplex blijken de luidruchtige kleine mantelmeeuw als een bron van overlast te ervaren. Door de VvE van het pand, dat mede eigendom is van woningbouwvereniging Eigen Haard, zijn daarom recent 2 Terrorkites op
het dak geplaatst, 7 meter hoge palen met grote vliegers in de gedaante van een roofvogel. De vliegers verjagen de kleine mantelmeeuwen die aanstalten maken hun nesten op het dak te betrekken. Ook broedende kraaiachtigen en andere vogels hebben uit angst voor deze nep-roofvogels hun nesten in de omgeving verlaten. Inwoners van de Sint Josephlaan, leden van de bewonerscommissie, het wijkplatform en de Vogelwerkgroep IVN-Amstelveen maken zich zorgen over de gevolgen van de Terrorkites voor de
gierzwaluwen-in-aantocht, de kleine mantelmeeuwen en andere nestelende vogels. Woningbouw-corporatie Eigen Haard, eigenaar van het pand waarin Résidence Josephine is gehuisvest én eigenaar van de woningen met de gierzwaluwnestkasten, wil geen standpunt innemen over de kwestie. De VvE van het pand heeft de kites op het moment van schrijven van dit artikel tijdelijk neergehaald.

Volgens Vogelbescherming Nederland mogen broedende vogels niet verstoord worden. Gebeurt dit toch, dan is dat strafbaar. Uit landelijke studies blijkt dat de kleine mantelmeeuw zich op termijn niet door dit soort meeuwenwerende vliegers laat verbannen. Wel lijkt de meeuw bereid van nestlocatie te veranderen door een mix aan maatregelen waarvan de meest natuurvriendelijke de aanleg van groene daken is. De meeuw houdt namelijk van een rotsachtige omgeving. Het wijkplatform stelt voor om met bewoners
en leden van de vogelwerkgroep een plan te maken dat recht doet aan (nest)wensen van vogels en mensen in geval van serieuze overlast in de wijk. Betrokken omwonenden en organisaties zien graag dat Terrorkites niet worden toegepast voordat de mogelijke gevolgen door een zogenaamde ‘ecologische scan’ in kaart zijn gebracht. En dat maatregelen voor het weren van beschermde vogels vergunningplichtig worden. Terrorkites worden niet alleen in de Sint Josephlaan, maar ook elders in Amstelveen steeds vaker toegepast door pandeigenaren die zich storen aan meeuwen. Dat terwijl vogels en vleermuizen door woningisolatie en bomenkap voor grote bouwprojecten steeds verder moeten uitwijken om voldoende voedingen nestgelegenheid te vinden. Betrokken partijen roepen de VvE en pandeigenaar Eigen Haard op de Terrorkites definitief te verwijderen en met hen en deskundige ecologen van gemeente en provincie in gesprek te gaan over de omgang met beschermde vogels in de woonomgeving. Corinne Sieger stelt op 17 april vast dat de vliegers weer actief zijn en dat er inmiddels 3 op het appartementen complex staan.
Op 18 april werd een klachtenformulier ingediend bij de RUDNHN (Regio Uitvoeringsdienst Noord- Holland Noord). Diezelfde ochtend werd ook nog eens met de afdeling Handhaving van deze instantie gebeld. De definitieve uitkomst is dat verstoring om te voorkomen dat er gebroed gaat worden mag! Dat deze vliegers mogelijk ook de gierzwaluwen verstoren is onwenselijk maar daar is niets tegen te doen. Pas als het verlies van de 48 broedpaartjes gierzwaluwen in de straat de landelijke instandhouding van de soort zou bedreigen, kan er gehandhaafd worden.
Bakkum: 13 nieuwe gierzwaluwnestkasten aan hooiberg van stoeterij/eethuis “Het
Ruiterhuys”
Dit project gebeurde in samenwerking met 26 leerlingen van de Juliana van Stolberg basisschool uit Castricum en techniek studenten van het Kennemer College uit Heemskerk. De beheerder van Het Ruiterhuys zou graag camera beelden vanuit een van de kasten verkrijgen. Omdat het geheel nogal op hoogte is, wordt een steiger gehuurd. Het hout wordt door het Kennemer College aangeschaft,
wat de prijs flink reduceerde. Zo ook de verf voor het weerbestendig aflakken van de kasten. Vanwege de constructie ter plaatse werd een aangepast model Roosendaal gebruikt. Dit aangepaste model is goedgekeurd door de Gierzwaluwbescherming.



Alle leerlingen van beide scholen waren erg enthousiast over dit project. De leerlingen van de basisschool werkten onder begeleiding van de studenten en hun leerkrachten van het Kennemer College aan de bouw van de nestkasten en het ophangen daarvan. Bedrading voor een lokgeluid installatie wordt door mijzelf verzorgd en aangelegd. De beheerder van het Ruiterhuys heeft desgevraagd toegezegd om bij overschrijding van subsidie financiële hulp te bieden vanwege de wat duurdere camera. Inmiddels zijn alle kasten aangebracht en is het wachten op de gierzwaluwen. Theo Ploegaert
Nijmegen: 33 nieuwe kasten aan de Groesbeekseweg
In Nijmegen aan de Groesbeekseweg zijn, onder bezielende leiding van Thijs Schaeken, gierzwaluwnestkasten aangebracht. Nadat Thijs eerst zijn directe buren had geïnformeerd via
een brief in hun bus, ging hij ook wat verderop in de straat aan de gang. Op zijn brief werd goed gereageerd. Thijs bood aan te helpen met ophangen. Hij wilde de kasten voor eind april klaar hebben.
Geïnteresseerden konden bij hem naar zijn kasten kijken of verdere informatie krijgen. Uiteindelijk zijn er 33 nestkasten geplaatst. Na contact met onze secretaris en penningmeester heeft Thijs met dank gebruik gemaakt van ons Projectfonds.
Aanvulling: inmiddels zijn de meeste van de kasten bezet en is er dus een flinke nieuwe kolonie gierzwaluwen ontstaan. Er zijn in latere jaren nog enkele kasten bijgekomen. De positie boven een balkon blijkt geen enkel probleem voor de gierzwaluwen. De kasten hangen op ONO. Een deel van de kasten en het spektakel van de langsvliegende gierzwaluwen is te zien vanaf de Fagelstraat.


Dalem: Een huiszwaluw in een gierzwaluwnestkast
Waar eerst een gierzwaluwpaar haar nest weer had betrokken in 2018, werden ze verjaagd door een paartje huiszwaluwen. De huiszwaluwen hebben met succes gebroed en de jongen grootgebracht, waarna ze uitgevlogen zijn. Ik heb al enige jaren broedende gierzwaluwen in de nestkasten en heb ze met succes gelokt met de cd gierzwaluwgeluiden. De gekraakte kast was twee jaar bezet door een gierzwaluwpaar.
Hattem: Faunatoren

Gebruikers van de Zuiderzeestraatweg tussen Zwolle en Hattemerbroek hebben hem vast al zien staan. Op het Hattemer deel van bedrijventerrein H2O, waar overigens nog geen enkel bedrijf is gevestigd, staat op 6,5 meter hoogte een houten bouwwerk. Het gaat om een faunatoren, blijkt uit navraag bij de gemeente Hattem. Op de plek waar enkele maanden geleden nog archeologisch onderzoek werd gedaan – en waar in de toekomst bedrijven moeten verrijzen – staat een soort uit de kluiten gewassen vogelhuis. Marieke Schütten, woordvoerder van de gemeente Hattem, vertelt dat het gaat om een faunatoren. Deze is in opdracht van de gemeente en H2O bv geplaatst als compensatie voor de woningen en boerderijen die daar stonden maar die gesloopt zijn vanwege het Hattemer plandeel van het bedrijvenpark. Er kunnen
zwaluwen, mussen, vleermuizen en insecten in. De faunatoren staat op een eilandje in het water omdat
er dan geen roofdieren bij kunnen komen. Er komen ook struiken en planten omheen die vogels aantrekken. En een zandbad, waar mussen hun verenkleed in kunnen schoonmaken. Het is nog niet helemaal klaar. En er komt misschien nog een informatiebord en een opening. Het zou inderdaad optimaal zijn als de compensatie al klaar zou zijn op het moment dat je sloopt. Helaas was dat
in dit geval niet mogelijk, omdat de toren op dezelfde plek kwam als een van de gesloopte objecten. Er is geen garantie dat alle diersoorten gebruik gaan maken van de toren, maar goede omstandigheden trekken de soorten wel aan. Die goede omstandigheden proberen we zo veel mogelijk te creëren op basis van advies van een ecoloog.
Amersfoort: Verslag inventarisatie gierzwaluwen 2018
In 2016 en 2017 hebben we – als werkgroep en vrijwilligers – op vrij intensieve wijze de locaties van gierzwaluwnesten in Amersfoort in kaart gebracht. Aangevuld met tellingen uit voorgaande jaren resulteerde dat in een totaal van 622 nestlocaties. Het verslag van de waarnemingen van 2017 is
in januari 2018 vastgelegd in de ‘Stand van de gierzwaluw’.
Het blijft, zeker ook voor een toekomstig Amersfoorts Soortmanagementplan (SMP)*, van belang dat er een zo volledig mogelijk beeld beschikbaar is van de aanwezige nestlocaties.

Soortenmanagement Plan (SMP)
Soortmanagementplan (SMP): Het doel van een soortmanagementplan is om een ontwikkelingsgerichte en juridisch houdbare omgang met beschermde soorten mogelijk te maken. Een gebiedsgerichte ontheffing is daarvan het sluitstuk. Dit betreft een besluit van Gedeputeerde Staten waarin onder voorwaarden ontheffing wordt verleend voor overtreding van verbodsbepalingen ten aanzien van specifieke soorten en voor werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting.
Daarvan profiteert zowel de initiatiefnemer als de natuur. De initiatiefnemer weet op voorhand waar hij aan toe is en is verzekerd van juridische dekking. Dit scheelt hem zowel geld, tijd als zorgen. En voor de natuur zijn maatregelen zowel kwalitatief als kwantitatief (denk aan het zorgen voor nestgelegenheid voor in dit geval gierzwaluwen) voldoende geborgd in het proces.
Zie ook: Onderzoek en bescherming: Soorten Managent Plan (SMP)
Zie ook: SMP: De resultaten van SMP Leystromen na 5 jaar
Voor 2018 werd besloten dat het een jaar zou zijn waar we op minder intensieve wijze zouden gaan tellen; de ‘basis’ was immers gelegd in de voorgaande jaren. De inventarisaties in 2018 richtten zich dan ook met name op deelgebieden die nog niet of nauwelijks waren onderzocht of aan actualisatie toe waren. Het betreft specifiek:
- tot dan toe matig onderzochte wijken van de gemeente (waaronder nieuwbouwwijken van na 2000),
- in het geheel niet onderzochte wijken (zie op de figuur hiernaast, de witte gebieden),
- nestkasten die zijn aangebracht in nieuwbouwprojecten in het centrum van Amersfoort.
In onderstaande paragraaf worden de resultaten van het jaar 2018 toegelicht.
Resultaten 2018
Algemeen
In aanvulling op de resultaten uit de periode 2014-2017 zijn in 2018 69 bewoonde nestplaatsen gevonden. In bovenstaand figuur staat aan de linkerzijde een overzicht met nestlocaties uit 2014-2017 en aan de rechterzijde de nieuwe nestlocaties die in 2018 zijn aangetroffen. De incidentele vondsten in de al onderzochte wijken worden hieronder niet nader besproken, wel de ‘ontdekkingen’ op wijkniveau.
Resultaten per gebied
- Schothorst: In het zuidelijke deel van Schothorst (wijkdelen Schot02 en Schot03) zijn tijdens een aantal bezoeken geen gierzwaluwen vastgesteld (met het oog op het SMP is het van belang om hierbij te vermelden dat het om losse bezoeken gaat en niet om inventarisaties volgens de methodiek van het Kennisdocument gierzwaluw; dit wil zeggen dat er toch gierzwaluwen aanwezig zouden kunnen zijn; afwezigheid is niet zeker).
- Rustenburg: In het zuidelijke deel van Rustenburg (wijkdeel Rus03) zijn vooralsnog ook geen gierzwaluwen vastgesteld (afwezigheid echter niet zeker).
- Zielhorst: In het wijkdeel Zie03 blijken nogal wat neststenen te zijn ingemetseld en dat leverde o.a. een bewoond nest op in de straat Hof der Kolommen. Dit is de eerste nestvondst in dit wijkdeel.
- Schuilenburg: In de wijk Schui02 werden meerdere nieuwe nestplekken gevonden (allemaal in hoekpanden daar waar de betonplaat achter de goot niet goed aansluit, zie foto) daar waar
woningbouwvereniging Vesteda juist wilde beginnen met renoveren en isoleren van de woningen. Onze bevindingen hebben Vesteda genoodzaakt die plannen uit te stellen en om dit jaar alsnog een nader onderzoek naar vleermuizen en gierzwaluwen te laten uitvoeren. We hebben bij Vesteda aangegeven dat we graag onze expertise willen delen met de ingeschakelde ecoloog. Zo hopen we een bijdrage te kunnen leveren om Schuilenburg ook voor gierzwaluwen ‘te verbeteren’.
- Centrum: Aan de straat Achter de Arnhemse Poortwal (Ce02) ligt een complex appartementen (achter het Amicitia gebouw aan de Stadsring) met ingemetselde rijen neststenen. Van de in totaal 24 neststenen zijn er vier bewoond. In het tegenoverliggende complex woningen zijn ook enkele stenen ingemetseld maar die zijn tot nu toe niet bewoond.
- Station Amersfoort: Aan de Noordkant van het Centraal Station zijn in het kantorencomplex Eempolis (bouwjaar 2003) 87 stenen ingemetseld. Dit is gebeurd op aandringen van Marjo en Fred van der Lelie van de Gierzwaluwwerkgroep Amersfoort. Van de 87 neststenen waren er in 2018 maar liefst 43 bezet en hiermee is dit meteen de grootste gierzwaluwkolonie van Amersfoort.
- Vathorst: In toenemende mate vinden gierzwaluwen hun weg naar de nieuwbouwwijk Vathorst. De kolonievorming lijkt begonnen aan de straat Balatonmeer. In de kopgevels van elke woning aan deze straat zijn drie neststenen ingebouwd. Er zijn hierbij op één avond vijf nestlocaties vastgesteld.
Naast gierzwaluwen nestelen er ook huismussen in deze neststenen. In een aantal gevallen zijn ze zelfs elkaars onder-/bovenburen! Er lijkt in Vathorst een trend waarneembaar waarbij gierzwaluwen zich specifiek vestigen op locaties met huismusbolwerkjes. Een ander voorbeeld hiervan is een nestlocatie aan Vrouwenpolder in Vathorst. Daar waar geen nestlocatie (kolonie) van gierzwaluwen in de buurt is (>600 meter), nestelt in deze straat een enkele gierzwaluw te midden van een huismussen kolonie! Dit zou kunnen betekenen dat huismussen een rol spelen in de vestiging van gierzwaluwen in nieuwere wijken. Met het geluid van de huismus als een goede indicatie voor beschikbare nestgelegenheid.
Kollum: Vlucht- en nesttelling van gierzwaluwen
Het had niet veel gescheeld of Fryslân had 12 steden gehad. Kollum had vroeger alle kenmerken
van een stad behalve de stadswallen. Vandaar relatief veel oude panden met ouderwetse dakpannen die nestplaatsen bieden aan gierzwaluwen. We geven een overzicht van de vluchttellingen vanaf 1999, van opgespoorde nestplaatsen vanaf 2017 en een eerste vergelijking tussen die twee telmethoden.
Vluchttellingen
Vogelwacht Kollum e.o. inventariseert sinds 1999 gierzwaluwen op basis van vluchttellingen. Het gaat om
punttellingen van vijf minuten uitgevoerd vanaf een vaste standplaats. Tussen 15 juni en 15 juli wordt drie keer steeds ’s avonds geteld waarbij de keer met het hoogste aantal geregistreerd wordt. Hoogvliegende vogels tellen mee en het aantal wordt gedeeld door twee, omdat de vogelwacht deze methode gebruikt voor vaststelling van broedparen. De grote schommelingen in afbeelding 1 tonen dat vluchttellingen de aantallen vogels niet erg precies meten. De waarnemingen kunnen wel gebruikt worden voor een
trendmeting. Het lijkt erop dat begin 2000 een grote kolonie verdwenen is. Daarna schommelen de aantallen op eenzelfde niveau. In 2017 nam Klaas de Vries de telling over van zijn voorganger.

Nesttelling
Vluchttellingen zijn niet geschikt voor bepaling van aantallen broedparen. Om een goed beeld te krijgen van broedende gierzwaluwen en om de vogels te beschermen, worden sinds 2017 naast de vluchttellingen nestplaatsen van gierzwaluwen in Kollum opgespoord. 2017 was een verkennend jaar, waarin kolonies in kaart werden gebracht en nestplaatskeuze werd bestudeerd. Gert de Jong uit
Amsterdam heeft daarbij instructies gegeven. Dat heeft zijn vruchten afgeworpen.

Mede door het gunstige weer in 2018 en 35 avonden zoeken, zijn er in totaal 97 nestplaatsen, strikt genomen invliegopeningen, geregistreerd. Eén invliegopening telt als één broedpaar met een lichte
overschatting van rond 10% (De Jong & Wonders, 2018). Aan de andere kant zijn waarschijnlijk niet alle nesten gevonden en ligt het werkelijke aantal iets hoger. Er is gezocht vanaf circa 21.15 uur tot een half uur na zonsondergang. Van elk pand met invliegopeningen is in een veldboek een schets gemaakt met daarin precies aangegeven waar en hoe de vogels naar binnen vliegen met de data van de waarnemingen. De nestplaatsen zitten vooral in het centrum in de oudere panden, maar ook in nieuwere
gebouwen in de buitenwijken.

De 97 nestplaatsen zijn verdeeld over 43 panden. Bij de elft van deze gebouwen is tot nu toe één invliegopening gevonden. Er is één pand met negen invliegopeningen. Kollum kent veel schilddaken en mansardedaken. Dat verklaart het hoge aantal invliegopeningen onder hoekkeper-pannen. Ruim 20% vliegt onder een dakgoot naar binnen.

Om de nestplaatsen te beschermen zijn deze op postcode ingevoerd in de Nationale Databank Flora & Fauna. Provincie en gemeente gebruiken deze informatie bij verlening van vergunningen voor verbouw en renovatie van gebouwen. De vogelwacht heeft de bewoners en/of eigenaren van de panden per brief geïnformeerd en een oproep gedaan tot samenwerking om de nestplaatsen te behouden.
Vergelijking vluchttelling en nesttelling
Vogelwacht Kollum e.o. gebruikt de vluchttellingen als indicatie voor aantallen broedparen. Daarom is het interessant om die gegevens te vergelijken met de aantallen waargenomen nestplaatsen om te zien of er een relatie tussen beide tellingen te leggen is. We zijn ons ervan bewust twee heel verschillende zaken te vergelijken: broedvogels en niet-broedvogels vliegen samen, zijn niet te onderscheiden van elkaar en waarschijnlijk is zowel de verhouding als het totale aantal niet constant.
In de overzichtskaart geven de cirkels het gebied van een telpost weer. De cirkels zijn zodanig getrokken dat ze het gebied weergeven dat je daar ter plekke overziet. Anders gezegd, de vogels die in dat gebied rondvliegen worden geteld. Een drietal cirkels zijn ovalen. Daar heb je achter je geen of beperkt zicht. Het eerste cijfer in het blokje bij de cirkel is het nummer van het telgebied, het tweede cijfer het hoogst aantal getelde waarnemingen in 2018 van de punttellingen daar en het derde cijfer is het aantal nestplaatsen in of rond dat gebied. Een oranje ster is de positie van de betreffende telpost zoals de vogelwacht die al jaren toepast.


Bij zeven van de acht telposten lopen de aantallen dit ene jaar mooi samen op. Bij telpost 2 is het aantal vogels bij de vluchttelling beduidend lager dan het aantal nesten in dat gebied. Bij grotere groepen wordt het aantal broedparen blijkbaar onderschat met de vluchttellingen. Nu komt onderschatting, zelfs grove, van het aantal broedparen op basis van vluchttellingen wel vaker voor (Hein Verkade e.a. in Limosa 88, 2015). Om die reden adviseert Sovon tegenwoordig de vluchttelling te delen door 1,5. Dan komt het aantal broedparen op basis van de vluchttelling voor 2018 uit op 109; een cijfer dat de nesttelling beter benadert. De komende jaren gaan we bijhouden hoe beide type waarnemingen zich verhouden in een kleine, overzichtelijke plaats als Kollum, om de relatie tussen vluchttellingen en het werkelijke aantal nesten verder te onderzoeken.
Klaas de Vries en Gert de Jong
Aanvulling 2025: Zie ook tellingen volgens het Gierzwaluw Gebiedenprotocol
Buitenlands Nieuws
Groot-Brittannië
Dick Newell bericht uit Engeland dat op verschillende plekken (Fulbourn en St Neots) nestkasten sneller door gierzwaluwen geaccepteerd leken te worden als er een voorgevormde nestkom in de kast aanwezig was. Op de locatie in Fulbourn waren 70 nestplaatsen verloren gegaan maar ondertussen broedden daar 100 paar in mitigerende nestkasten. Op die locatie zijn geen geluiden afgespeeld om de vogels ernaar te lokken. Er zijn ons geen grootschalige onderzoeken bekend waarbij is gekeken of voorgevormde nestkommen verschil maken bij de acceptatie van mitigerende nestkasten.
Ierland
Chironomiden zijn een soort vliegen welke in groten getale aanwezig zijn bij het meer Lough Neagh. Ze worden hier dan ook Lough Neagh vliegen genoemd. Brian vraagt zich of de vermindering van het aantal gierzwaluwen hier wordt veroorzaakt door een afname van insecten. Hij vindt dit niet aannemelijk omdat er veel dagen zijn waarop grote zwermen insecten boven Lough Neagh te zien zijn, terwijl er dan geen gierzwaluwen rondvliegen. Bovendien, zo stelt hij, heeft Ierland duizenden grote en kleine meren waar gierzwaluwen kunnen foerageren. Het verlies van nestlocaties is volgens Brian de belangrijkste reden voor de daling van het aantal gierzwaluwen.
Brian Calahane, Lough Neagh Flies

Italië

Ieder jaar broeden drie soorten gierzwaluwen in gebouwen in Italië; apus apus, apus pallidus, tachymarptis melba. In veel gebieden in Noord- en Midden-Italië zijn nog nestplekken terug te vinden die sinds de Middeleeuwen speciaal voor gierzwaluwen werden gebouwd, de zogenaamde ‘rondonare’. Deze nestplekken bestonden uit nestdozen die in de muren werden ingemetseld, zodat jonge vogels eruit konden worden gehaald om op te eten. Dit ging overigens doorgaans niet ten koste van de instandhouding van de soort. Deze ‘gierzwaluw torens’ bevinden zich niet alleen in torens maar ook in onder meer grote huizen, boerderijen en zelfs kerken. Veel van deze ‘rondonare’ structuren zijn in de loop der tijd verdwenen bij renovaties en veranderd gebruik van gebouwen. De overgebleven structuren zijn nuttig bij veldonderzoek naar gierzwaluwen. Ook vormen ze een bron van inspiratie voor behoud van gierzwaluwen in oude en moderne gebouwen, voor uitsluiting van duiven uit monumenten en voor verbetering van het gebruik van moderne kunstnesten.
Link naar het artikel van Mauro Ferri,: Gierzwaluw torens: het lokken van gierzwaluwen naar ge-
bouwen, vanaf de Middeleeuwen tot heden, november 2018.
Vietnam
Hannie Nilsen uit Noord-Brabant ontving een bericht van Johan Verschuren. Johan woont niet in Vietnam maar komt er vaak omdat hij daar een stichting heeft opgericht die er voor zorgt dat een aantal kinderen naar school kan. Johan stuurt een aantal foto’s van fabrieken met rondom kleine openingen.

Bovenop het gebouw staat een grote luidspreker die gierzwaluwgeluid laat horen. Vogels vliegen rond het gebouw. Men kan niet naar binnen. De gebouwen worden beschermd door hekken en muren. Hij vraagt zich af wat zich daar afspeelt. De vogels moeten wel iets produceren wat heel kostbaar is: medicijnen, drugs??


Hannie antwoordt hem dat het de mensen om de nesten van de gierzwaluwen (Eetbaarnestsalanganen) gaat. De nestjes worden uitsluitend gemaakt van speeksel en na het broeden weggehaald en verwerkt tot vogelnestjessoep maar het is ook een delicatesse en het zou ook nog eens potentieverhogend zijn. Voor het verwerkte nestmateriaal wordt goudgeld betaald. Duizenden euro’s per kilo!
Vroeger werden de nesten uit grotten gehaald waar de vogels broedden maar dat was levensgevaarlijk. Enkele tientallen jaren geleden bleek dat de vogels ook naar dit soort gebouwen te lokken waren waar het oogsten een stuk eenvoudiger is. In de provincie waar Johan regelmatig komt worden voor honderden miljoenen euro’s productie- en verwerkingsgebouwen neergezet. Op weg naar de scholen zagen Johan en zijn vrouw Lidy meer dan 10 grote, nieuwe salangaannest-fabrieken. Ook worden er op bestaande woningen etages opgebouwd speciaal voor de productie en verwerking van de nestjes. Er is veel lawaai van het door luidsprekers geproduceerde gekrijs van de vogels. Er is zelfs een rots langs de rivier nagebouwd om de zwaluwen te lokken. Het moet niet gekker worden!
Recente onderzoeken en artikelen
In het Gierzwaluwen Bulletin publiceren we samenvattingen van (wetenschappelijke) artikelen en onderzoeken over gierzwaluwen en verwante soorten. De standpunten in de artikelen en onderzoeken die we hieronder naar voren brengen komen niet noodzakelijkerwijs overeen met de standpunten van GBN. De resultaten van de onderzoeken zijn voor rekening van de onderzoekers, de conclusies uit de literatuur zijn voor rekening van de auteurs in kwestie.
Gabriel Norevik, Giovanni Boano, Anders Hedenström, Roberto Lardelli, Felix Liechti en Susanne Åkesson: Highly mobile insectivorous swifts perform multiple intra-tropical migrations to exploit an asynchronous African phenology. In: Oikos Journal, 29 oktober 2018.
In dit onderzoek zijn 21 vale gierzwaluwen uitgerust met geolocators. Het doel van het onderzoek was om vast te stellen welke bewegingen de vale gierzwaluwen maken binnen hun overwinteringsperiode in Afrika. Gecombineerd met data over regenval en plantengroei konden de onderzoekers de timing bepalen van de lokale regenseizoenen en droogteseizoenen. De vale gierzwaluwen bleken 2 tot 5 intra-tropische migraties te ondernemen, waarbij ze gemiddeld 12 dagen na het eindigen van het regenseizoen in het gebied aankwamen en ze vertrokken ongeveer 2 weken na de start van het droogteseizoen. Dit suggereert dat de vogels hun aankomst en vertrek afstemmen op de ideale foerageer-condities. De resultaten van het onderzoek geven inzicht in de manier waarop Palaearctisch-Afrikaanse trekvogels reageren op verschillende fenologieën in de sub-Sahara regio.
Download: https://doi.org/10.1111/oik.05531
Susanna Meyer: Ansiedlungsverhalten des Mauerseglers Apus apus in der Kirche Oberkirch in der Nordwestschweiz. In: Der Ornithologische Beobachter, uitgave 116 pag 1-10, maart 2019
De gierzwaluwkolonie in de kerk van het Zwiterse Oberkirch bestaat uit 59 paartjes en is de grootste in de regio. Vanaf 2004 is hier onderzoek gedaan naar vestigingsgedrag van de gewone gierzwaluw via het ringen van nestvogels en vangen van volwassen vogels. In vergelijking met andere onderzoeken bleek het aantal nesttrouwe gierzwaluwen hoog; gemiddeld 82% kwam in het volgende jaar terug. 70% van de vogels slaagde er bij de eerste broedpoging in om hun jongen succesvol groot te brengen. Dit percentage is groter bij 3-jarige gierzwaluwen (80%) dan bij 2-jarigen (bijna 50%). Vermoedelijk zijn behalve leeftijd en ervaring van de voor het eerst broedende vogel ook die van de partner van belang.
Zie ook: www.ala-schweiz.ch
Jean-François Cornuet: Contribution of slow motion video for in flight behavioural study in the Common Swift (Apus apus)during the breeding period. In: Plume de Naturalistes, nummer 3, 2019
In mei, juni en juli 2017 en 2018 heeft Jean-François Cornuet 65 dagen gewijd aan observatie met video-opnames van gierzwaluwen (Apus apus) die over een kleine stedelijke kolonie in de buitenwijken van Parijs (Frankrijk) vlogen.
Het eerste doel was verschillende vluchtomstandigheden te kunnen vastleggen. De video-apparatuur die Cornuet gebruikte waren een Panasonic GH5 hybride foto- en videocamera (april 2017 op de markt gekomen). Met deze camera kun je in HD opnemen met een framesnelheid van 180 fps, of 6 keer langzamer (17 %). De opnames zijn uit de vrije hand gemaakt. Bijna 1400 video’s zijn daarnaast vastgelegd met de GH5 en een Nikkor 4/300 AFS-telelens.
De verschillende soorten vluchten (flapperen, zweefvliegen, ondersteboven vliegen, etc) en sociale bewegingen vormden 64% van de video’s. Prooivangsten tijdens de vlucht vertegenwoordigen 25% van de video’s. Ten slotte werd op 11% van de video’s een groot aantal poetsgedragingen vastgelegd tijdens de vlucht. Deze poetsgedragingen zijn in deel 1 van dit artikel geanalyseerd.
Gierzwaluwen besteden een deel van hun tijd aan het onderhouden van hun verenkleed. Buiten de broedperiode brengen gierzwaluwen hun hele leven door in de lucht. Ze moesten daarom poetstechnieken ontwikkelen tijdens de vlucht. Met de nekverlengingsmogelijkheden en de
algemene flexibiliteit van het lichaam, gebruikt de gierzwaluw zijn snavel om niet alleen zijn borstkas, maar ook zijn rug te verzorgen. Door sterk achterover te buigen, kan de gierzwaluw zijn talgklier bereiken. Hij slaagt er zelfs in om tijdens de vlucht de staartveren glad te strijken. Zijn pootjes, hoewel kort, worden vooral gebruikt om kop en nek krachtig te krabben. Zoals alle soorten die tijdens de vlucht kunnen krabben, gebruikt de gierzwaluw de directe methode door de poot onder de vleugel te brengen om bij het hoofd te komen. Naast deze klassieke poetstechnieken combineert de gierzwaluw verschillende soorten acrobatische figuren tijdens de vlucht. Deze konden nauwkeurig worden gevolgd met slow motion video. De vogel schudt zijn hele lichaam, wrijft met zijn vleugels tegen elkaar, draait zijn kop heel snel met open of gesloten bek. De video’s laten zien dat de gierzwaluw volledig in staat is om tijdens de vlucht zijn volledige lichaam te poetsen. Om het verlies aan hoogte tijdens deze poetsbewegingen gedurende de vlucht te beperken, heeft de gierzwaluw drie strategieën ontwikkeld:
- hij anticipeert op het verlies van hoogte door een korte vlucht omhoog;
- hij vermindert hoogteverlies door te zweefvliegen;
- hij vermindert hoogteverlies door zeer korte poetstijden (gelijk aan of minder dan 1 seconde).
Het feit dat het poetsen maar zo kort duurt is een van de belangrijkste redenen waarom deze gedragingen tot nu toe weinig in detail bestudeerd zijn. Alleen een voldoende slow motion video van dichtbij geeft een nauwkeurige beschrijving van dit gedrag.
Bij dit artikel zijn prachtige clipjes gezet op Vimeo:
- Gierzwaluw die zijn borstveren poetst in vlucht
- Gierzwaluwen die verschillende veren (rug, staartveren, poten) poetsen in de vlucht
- Gierzwaluw die zijn pootjes poetst in vlucht
Tyson L. Hedrick, Cécile Pichot, Emmanuel de Margerie: Gliding for a free lunch: biomechanics of foraging flight in common swifts (Apus apus)
In dit onderzoek hebben de onderzoekers met behulp van stereo-video-opnames de vliegbanen bestudeerd van foeragerende gierzwaluwen (apus apus). De biomechanica van vliegbewegingen zijn al ruimschoots in laboratoriumsituaties geanalyseerd (denk aan windtunnels), maar de kennis hieruit op natuurlijke vliegbewegingen in de natuur is nog niet vaak toegepast of onderzocht. Als het onderzocht is, is dat gedaan voor de grotere lange-afstandsmigranten zoals roofvogels, reigers en ganzen. De uitkomsten van het onderzoek van Hedrick, Pichot en de Margerie lieten zien dat, ondanks dat gierzwaluwen uitstekende manoeuvreercapaciteiten hebben, ze maar hoogst zelden bochten vliegen bij hoge snelheden. Een verrassende uitkomst van het onderzoek was dat ondanks dat de gierzwaluwen zich voeden met kleine insecten die waarschijnlijk meebewegen met de lucht, ze hun luchtsnelheid toch aanpassen om de energie over langere afstand te optimaliseren. Dus niet alleen tijdens het foerageren laten ze zich al glijdend met de lucht meegaan, maar ook van foerageerplek naar foerageerplek besteden ze zo weinig mogelijk energie aan hun vlucht. Maar 25% van hun tijd brengen ze door met fladderen. Het grootste deel van hun tijd (71%) werd besteed aan verlengde glijvluchten, waarbij het gemiddelde vermogen dat werd gebruikt voor veranderingen in snelheid of elevatie 0,84 W kg-1 was en niet significant verschilde van 0. De gierzwaluw besteedt dus minimale energie aan het vliegen tijdens het foerageren.
Gierzwaluw Gedicht
Sinds het eerste nummer van het Gierzwaluwen Bulletin (juni 2002) hebben we in ieder nummer een gedicht over gierzwaluwen afgedrukt. In het eerste nummer stond een gedicht van Ivo de Wijs. Daarna zijn zowel gedichten van leden als gerenommeerde dichters langsgekomen. De gedichten geven stuk voor stuk uiting aan de verwondering die de gierzwaluw bij ons allemaal oproept.
Gierzwaluwen
Ze kwamen er aan! Nog ver, hoog in de lucht
maar onmiskenbaar in hun vlucht.
Het was dodenherdenking, even over acht
met juist de hoornblazer en de erewacht.
En de burgemeester kwam aan het woord,
ik luisterde, zoals het hoort …
De stipjes kwamen dichterbij en lager,
voor mij was hun komst de drager
van ‘vrijheid geef je door’
en vlak voor het begin van het ernstig koor
klonk voor het eerst hun helder gegier:
ze zijn weer hier!
Deventer, 4 mei 2016.
Agnes Hoffschulte
atmhoff@planet.nl
Bij Kunst en Vliegwerk
Gerecyclede gierzwaluw aan de muur

De Portugese kunstenaar Bordalo creëerde in 2015 deze opzienbarende gierzwaluw als metershoge installatie die er echt uitspringt tegen de groengeverfde muur van dit vervallen woonblok in het Poolse Łódź. Het oog is een plastic cementbak. In zijn afvalvorm staat deze gierzwaluw voor de natuur die het onderspit delft tegen onze consumptiemaatschappij. Niet alleen de gierzwaluw maar ook het huis is tijdelijk, want ironisch genoeg worden beiden in 2020 gesloopt. Ook in deze stad verdwijnen veel nesten
door sloop en renovatie. Gelukkig loopt het project ‘Łódź voor Swifts, Swifts voor Lodz’; nestkasten achter decorstukken, kroonlijsten of consoles van gerenoveerde historische huurkazernes.
Evert Pellenkoft

Flyways in de metro van Amsterdam
Op de donkergrijze perrontegels van metrostation Noord in Amsterdam is een prachtig kunstwerk aangebracht; een wit lijnenspel dat broed- en trekvogels boven Amsterdam-Noord uitbeeldt. Ter inspiratie voor ‘Flyways’ raadpleegde de Arnhemse kunstenaar Harmen Liemburg waarnemingen van de Vogelwerkgroep Amsterdam. Daarnaast ging hij zelf op pad met een verrekijker (ook als afbeelding
verwerkt in het kunstwerk) in de nabijgelegen natuurgebieden Waterland, ’t Twiske en het Ilperveld.


Het kunstwerk is 13 x 130 meter en de reiziger kan het werk met geen mogelijkheid in één oogopslag overzien. De reiziger moet het werk hierdoor letterlijk stap voor stap ontdekken en de link leggen met de natuur in de omgeving. Ik heb hier meer dan een half uur lopen puzzelen!
Door een grote rijkdom in detaillering en door bewegingen vanuit verschillende gezichtspunten te tonen, blijven de tekeningen boeien. Als kijker stap je van het ene thema naar het andere, alsof je door een stripverhaal loopt. Aan de noordkant ganzen die ‘s winters vanuit het koude noorden hierheen komen en aan de zuidkant de zomergasten gierzwaluwen en grutto’s.
Liemburg, die cartografie en grafisch ontwerpen studeerde, zegt dat Flyways een combinatie is van onderzoek, fantasie, techniek en ambacht. “Analoog aan alle Amsterdammers, dagjesmensen, forenzen en toeristen, die reizen met de Noord/Zuidlijn, maak ik een vergelijking met broed- en trekvogels als luchtreizigers, zoals de gierzwaluw, ‘s winters in Afrika en ‘s zomers buitelend in de lucht boven deze stad”. Na de research begon het selecteren en vervolgens samenvoegen van de natuurscènes en vogelontwerpen tot een grote collage. Het kostte veel tijd om het ontwerp vervolgens handmatig in te leggen in de perronvloer. Tot mijn vreugde is de maker ook door gierzwaluwen gegrepen, want er zijn wel tien exemplaren trefzeker weergegeven in vier thema’s. Je voeten lopen luchtig over de lijnen van de pootloze Apus, die je als vliegensvlugge luchtreiziger onder je ziet opstijgen. Zelfs het kortstondige paringsmoment van twee samenvloeiende gierzwaluwen in de lucht zie je op het perron spiegelen.
Van Amsterdam CS ben je er in 5 minuten met metro 52, bijna net zo snel als een gierzwaluw!
Evert Pellenkoft

Bekijk ook: Harmen Liemburg, Kunst op station Noord: Van Idee tot Werkelijkheid










